Maandag 2 februari

Hieraan leerden wij de liefde kennen, dat Hij voor ons Zijn leven heeft gegeven.

1 Johannes 3 vers 16

 

Volgens een legende werd eeuwen geleden een man veroordeeld wegens moord. Op het schavot kroop een klein kevertje over zijn voorhoofd. De koning vroeg hem of hij nog een wens had. De veroordeelde verzocht of iemand het kevertje de vrijheid wilde hergeven. De koning was hierdoor erg getroffen. Wie zo vriendelijk was, kon toch niet een misdadiger zijn? Het vonnis werd uitgesteld en een nieuw onderzoek gelast – en de man werd vrijgesproken. Vanaf toen werd dat kevertje lieveheersbeestje genoemd.

’t Is maar een verhaal, maar onze geliefde Heiland en Meester ís vol van vriendelijkheid en goedheid!

Hij is de eeuwige Zoon van God, maar was bereid om als Mens naar de aarde te komen en naar het kruis te gaan. Daar nam Hij onze plaats in het oordeel in. Wij hadden door onze zonden de straf verdiend, maar Hij wilde die dragen. Dat deed Hij voor vijanden, voor alle mensen die in Hem geloven en voor God hun zonden belijden. Is dat niet het hoogste bewijs van Zijn vriendelijkheid? Had Hij Zijn liefde nog beter kunnen bewijzen?