Ik zal opstaan en naar mijn vader gaan en tegen hem zeggen: Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en tegenover u (...) en toen hij nog ver van hem verwijderd was, zag zijn vader hem en deze was met innerlijke ontferming bewogen.
Lukas 15 vers 18 en 20
Een jongen van 15 jaar wilde uit Den Haag naar zijn vriendin in Dordrecht. Hij pakte de auto van zijn vader. Op de Wieldrechtse Zeedijk eindigde z’n rit. Agenten haalden hem van de weg. Hij wilde niet door hen worden afgezet bij zijn vriendin. Daarom zetten ze hem op de trein naar Den Haag. Hoe z’n vader hem ontving, vertelt het verhaal niet.
De Bijbel laat wel duidelijk weten hoe God de Vader een afgedwaald kind dat naar Hem terugkeert, ontvangt: met een ontroerd hart en geopende armen!
Is dat niet heerlijk? Hoe groot en talrijk onze zonden ook zijn, hoe we ons leven ook hebben verknoeid, als we met een eerlijke erkenning daarvan tot God bidden, neemt Hij ons aan. En niet met verwijten, maar vol ontferming. God verheugt Zich oprecht over elke zondaar die tot inkeer komt en Hem z’n schuld belijdt. Hij neemt hem aan als Zijn eigen kind. Wat een liefdevolle Vader is Hij!