Zondag 31 mei

De liefde is sterk als de dood, de hartstocht onstuitbaar als het graf. Haar vonken zijn vurige vonken, vlammen van de HEERE. Vele wateren kunnen de liefde niet uitblussen en rivieren spoelen haar niet weg.

Hooglied 8 vers 6 en 7

 

Alleen liefde, Goddelijke liefde kan de Heere Jezus hebben bewogen naar Golgotha te gaan. Zelfs de wateren van Gods oordeel waren niet in staat die liefde uit te blussen.

Liefde denkt aan de ander. De Zoon dacht allereerst aan Zijn God en Vader. Gods eer was door de zonde geroofd; dat moest worden hersteld. En de Vader wilde Zich aan ons mensen openbaren. De Heere Jezus wilde niets liever dan dit verlangen van God vervullen.

Hij dacht in Zijn liefde ook aan ons. Wij waren verloren. Voor eeuwig moesten wij uit Gods tegenwoordigheid worden verwijderd. Vreselijk! Daarmee kon Hij niet tevreden zijn. Hij wenst ons gelukkig te zien. Daarom ging Hij in de dood. Hij nam de straf op Zich die wij hadden verdiend.

Zijn liefde bracht Hem in de golven van Gods oordeel. Ook die konden Hem niet weerhouden.