Maandag 27 juli

Wij zijn eerlijke mensen.

God heeft de misdaad van uw dienaren aan het licht gebracht.

Genesis 42 vers 11 en 44 vers 16

 

De stad Portland ligt in de Amerikaanse staat Oregon. Agenten zagen daar een auto rijden die vermoedelijk gestolen was. Ze hielden de bestuurder aan en doorzochten de auto. Daarbij troffen ze, naast een doorgeladen wapen en verdacht veel contant geld, een tas aan waarop in het Engels stond: ‘Dit is absoluut geen tas vol drugs’. Humor! Hij zat vol met zakjes fentanyl en methamfetamine.

De tien broers van Jozef beweerden met droge ogen dat zij eerlijke, vrome mensen waren. God bracht hen echter zó ver dat ze hun misdaad toegaven.

Zolang een mens zichzelf als goed beschouwt, kan God niets met hem beginnen. Hij werkt aan zijn geweten, zodat zo iemand begint te begrijpen dat hij een zondaar is en het oordeel heeft verdiend. Als hij dat dan ook eerlijk toegeeft en zijn schuld erkent, dán kan God hem aannemen en genade bewijzen. Al z’n zonden worden hem dan vergeven.

Voor onze trots is dat een bittere pil. Maar als we die weigeren te slikken, staan we ons heil in de weg!