Zondag 6 september

De drinkbeker die de Vader Mij gegeven heeft, zal Ik die niet drinken?

Johannes 18 vers 11

 

Petrus wilde de Heere Jezus verdedigen toen een bende mannen Hem gevangen wilde nemen. De Meester stelde toen Petrus de ontroerende vraag: ‘Als de Vader Mij de drinkbeker heeft gegeven, zou Ik hem dan niet drinken?’

Hij bedoelde: ‘Petrus, als Mijn Vader Mij de opdracht geeft om Me gevangen te laten nemen, om Me te laten kruisigen, denk je dan dat het mogelijk is dat Ik Mij daartegen zou verzetten?’ – Nee, de Heere Jezus onderwierp Zich volkomen aan de wil van God de Vader. Zelfs de mogelijkheid om tegen te stribbelen, kwam niet in Hem op.

De drinkbeker sprak van het lijden van Golgotha, van de uren van duisternis, van het nietsontziende oordeel van de heilige God over onze vele zonden. Dat moest de Heere Jezus ondergaan. Het was voor Hem een verschrikking. Voor ons is dat zelfs niet bij benadering te peilen. De zondeloze Mens Jezus Christus werd tot zonde gemaakt en daarom door God verlaten en geslagen! Hij aarzelde echter geen moment. Hij ging vastberaden naar Golgotha. Hij wenste de wil van Zijn Vader te vervullen.